Week van de Opvoeding
Home > Blog

Blog

Over de blogger

Krista Okma werkt als adviseur Positief Opvoeden bij het Nederlands Jeugdinstituut en is moeder van 3 kinderen. Krista werkt al ruim vijftien jaar als pedagoog en is auteur van meerdere opvoedboeken, waar onder 'Minipubers! Survivalgids voor 6-12 jarigen'.

Van mij! Nietes! Van mij!

Tien tips voor het omgaan met kinderruzies

Door Krista Okma, 8 oktober 2014

“Het gaat vaak nergens over. De een wil doen waar de ander al mee bezig is, of we hebben net een nieuwe pot Nutella en ze willen alledrie het papiertje eraf halen. Dat soort kinderachtige dingetjes. Of dan gaat de jongste van “ikke, ikke”en deelt dan ineens een mep uit. “ (Saar, moeder van drie minipubers). Herkenbaar? Het komt in ieder gezin voor: broers en zussen die ruzie maken over wie er aan de beurt is om te gamen, van wie dat speelgoedje ook alweer was, of wie er uiteindelijk heeft gewonnen met voetballen of dat bordspel. Waarbij het natuurlijk altijd de ánder is die is begonnen, heeft vals gespeeld of het anders zelf heeft uitgelokt. Je wordt al snel verleid om je ermee te bemoeien. “Hou op” “Doe dat eens niet” “Ga eens delen” Terwijl je ergens ook wel voelt dat dit niet de oplossing is. Maar wat dan wel?

Tip 1 - Ruzies als kans

Ruzies zijn niet alleen maar negatief. Ruzie maken verstoort de balans, waardoor je samen op zoek moet gaan naar oplossingen om die balans weer te herstellen. Je kind moet zich verdiepen in de mening van de ander, nog eens goed kijken naar wat het zelf vindt, en uiteindelijk zorgt dit voor een hoger begripsniveau. Door ruzies krijgen kinderen steeds meer weet van sociale regels en het helpt bij het opbouwen van een moreel kader: wat is rechtvaardig en waarom?

Tip 2 - Duidelijke afspraken

Als je duidelijke afspraken met elkaar maakt, is er ook minder om over te kibbelen. Minipubers worden groter, en krijgen daarmee ook behoefte aan meer privacy. Afspraken als ‘je kamer is jouw plek (en jij bepaalt wie er wanneer komt spelen)’ of ‘wat je in je dagboek schrijft is privé’ worden daarmee steeds belangrijker. En is het altijd dezelfde die zich na het eten verstopt op de wc? Terwijl de anderen al het werk doen? Duidelijke afspraken over wie wat doet in huis, helpen bij huis-tuin-en-keuken ruzies.

Tip 3 - Goed voorbeeld...

…doet goed volgen.  Dat weet je als ouder van een minipuber natuurlijk allang, maar het gaat vast ook nog vaak genoeg mis. Gebok over het inruimen van de vaatwasser, vieze sokken naast de wasmand, de vuilnis die buiten gezet moet worden. Het hoort er een beetje bij en het is allemaal niet zo’n ramp. Zolang je óók aan je kinderen laat zien dat je het daarna weer samen oplost. Als je dit goed aanpakt, kunnen kinderen van jou leren hoe je dit doet. 

Tip 4 - Blijf (toch) rustig!

Het geruzie klinkt soms net als een irritante piep in je oor. Tot je er niet meer tegen kunt en ontploft. Vaak reageer je dan op degene die als laatste iets gedaan heeft of gezegd. Ook als het de ander was die tot die tijd de boel heeft uitgelokt. Niet helemaal eerlijk dus en vaak leidt dit alleen maar tot hevigere discussies. Als jij rustig blijft, is de kans groter dat je kinderen ook snel weer rustig worden en je samen op zoek kunt gaan naar een oplossing.

Tip 5 - Zeg sorry...

Rustig blijven lukt lang niet altijd. Vooral niet als je er al een lange dag op hebt zitten, slecht hebt geslapen, moe bent. Vaders en moeders zijn ook gewoon mensen. Net als die andere gewone mensen die je kind overal tegenkomt en die ook heus niet altijd even geduldig reageren. Niks mis mee om daar ook thuis ervaring mee op te doen. Maar als je erg uit je slof bent geschoten, is het wel op zijn plaats om hier nog even op terug te komen. Sorry te zeggen en uit te leggen waarom  je zo hebt gereageerd (te moe, een vol hoofd, een lange dag?). Ook daarmee geef je je kind een goed voorbeeld.

Tip 6 - Laat de wind maar (even) waaien

Kinderen leren het meest van zelf hun ruzies oplossen. Het is verleidelijk om te denken dat jij wel even met een snelle oplossing kunt komen. Helaas werkt dit in de praktijk vaak niet zo en ontstaat hierdoor juist een ellelange discussie. Bovendien kúnnen kinderen dit vaak prima en is het ook helemaal niet zo logisch dat jij je ermee bemoeit. Dit doe je bij volwassenen ook niet, dan kijk je ook even de andere kant op of ga je een blokje om. Door je er niet mee te bemoeien voorkom je dat er een patroon ontstaat en ze voortaan voor ieder wissewasje gelijk naar jou toe lopen.

Tip 7 - Grijp wel in als ze elkaar (letterlijk) aanvliegen

Als kinderen elkaar letterlijk aanvliegen is het natuurlijk wel van belang om in te grijpen. Haal de kinderen dan uit elkaar en vraag ze om – afzonderlijk van elkaar – eerst even af te koelen.  Daarna kun je kijken of het ze alsnog gaat lukken om zelf tot een oplossing te komen of dat het nodig is dat jij dit begeleidt. Je kunt dan beginnen door eerst neutraal aan ieder kind te vragen om zijn of haar versie van het verhaal te vertellen. Wat is er volgens jou gebeurd? En volgens jou? Blijft er eentje bokken? Dan kun je zeggen: “Jammer dat je jouw versie niet vertelt, want nu hoor ik alleen maar één kant van het verhaal”  Vaak komt de ander dan toch nog wel over de brug. Daarna kun je aan ieder kind vragen wat volgens hem of haar een goede oplossing is voor datgene waar de ruzie over gaat. Door er rustig met elkaar over te praten en naar elkaar te luisteren, komen deze oplossingen vaak vanzelf. En als dit niet zo is, kun je altijd wat suggesties doen.

Tip 8 - Waardeer het eerlijk zijn

Het zou zomaar kunnen dat je tijdens dit gesprek dingen hoort waar je als ouder niet zo blij van wordt. Er is iets stuk gegaan, de kinderen hebben zich niet aan een afspraak gehouden. Probeer in eerste instantie vooral waardering te tonen voor het feit dat ze dit eerlijk aan jou vertellen. Dit stimuleert ze om dit ook een volgende keer weer te durven. Als dat nodig is kun je later, op een rustig moment, nog een keer terug komen op de afspraak en waarom je dit belangrijk vindt.

Tip 9 - Familievergadering

Komt een ruzie over hetzelfde onderwerp vaker voor? Dan kan het helpen om er eens uitgebreider naar te kijken. Wordt er bijvoorbeeld altijd gekibbeld over wie er op de tablet mag spelen? Hou dan met elkaar een brainstormsessie waarin je samen allerlei oplossingen bedenkt. Dat mag in eerste instantie zo gek zijn als je maar kunt bedenken. We kopen er nog drie tablets bij. We mogen voortaan ook na het eten op de tablet. We zetten de timer. We gaan helemaal niet meer op de tablet spelen. Et cetera. Bij de volgende stap geef iedereen een cijfer aan de verschillende oplossingen. De oplossing die het hoogst scoort proberen jullie samen uit. Spreek ook gelijk af wanneer je er samen nog een keer op terug komt: heeft de oplossing ook echt gewerkt? Of kunnen we beter een andere kiezen? 

Tip 10 - Kijk of er meer speelt

Soms kan er ook meer aan de hand zijn: je kind is jaloers, bang, voelt zich onveilig, is onzeker of gespannen. Ruzie maken is dan een manier van hulp vragen – bewust of onbewust. Het is goed om te kijken of er mogelijk meer speelt en hier samen over te praten.

Bron: Minipubers! Survivalgids voor 6-12 jarigen – Krista Okma